Voor 23:59 besteld = binnen 24 uur verzonden*!

Home » Kennis » ICF-model

ICF-model

De International Classification of Functioning, Disability and Health, ICF, is volledig neutrale formulatie met betrekking tot het menselijk functioneren en de factoren die erop van invloed zijn.
Het model classificeert geen personen, maar hun situatie in een set van gezondheids(gerelateerde) domeinen in 2 delen:

  • Deel 1: Functioneren, bestaande uit een. lichaamsfuncties en -structuren en b. activiteiten en deelname
  • Deel 2: Factoren, bestaande uit a. omgevingsfactoren en b. persoonlijke factoren

Figuur 1: het ICF-model

Bron: Onderverdeling via ICF [Internet]. Arteveldehogeschool.be. [cited 2021 Jan 3]. Available from: https://www.arteveldehogeschool.be/elpa/ergotherapie/baps/wp_meetinstrumenten/?page_id=90 


Stappenplan bij het gebruik van de ICF

  1. Ga na welke informatie beschikbaar of nodig is voor classificatie/codering en op welk onderdeel het betrekking heeft: lichaamsfuncties, lichaamsstructuren, activiteiten en participatie of omgevingsfactoren.
  2. Identificeer het hoofdstuk (niveau van vier cijfers) van het betreffende onderdeel dat het beste overeenkomt met de informatie die moet worden gecodeerd/geclassificeerd.
  3. Lees de beschrijving van het vierde cijferniveau en neem alle opmerkingen over deze beschrijving in acht.
  4. Overweeg alle insluitsels of uitsluitingen voor deze code/klasse en ga verder in overeenstemming met uw bevindingen.
  5. Ga na of de te coderen/rubriceren informatie in overeenstemming is met het viercijferige niveau of dat een meer gedetailleerde beschrijving op vijf- of zescijferig niveau passend zou kunnen zijn.
  6. Ga naar het code-/klassenniveau dat het beste overeenkomt met de informatie die moet worden gecodeerd/geclassificeerd. Overweeg de beschrijving en alle insluitsels en uitsluitingen voor deze code/klasse.
  7. Selecteer de code/klasse en beoordeel de beschikbare informatie zodat je aan de generieke kwalificatie een waarde kunt toekennen die de ernst van het stoornis-, handicap- of participatieprobleem weergeeft (0 = geen probleem tot 4 = volledig probleem) of aangeeft of de omgevingsfactoren zijn facilitators of barrières.
  8. Wijs de code toe aan de kwalificaties op het tweede, derde en vierde niveau, bijv. d115.2 (matige luisterproblemen).
  9. Herhaal stap 1-8 voor elk aspect van het functioneren of het functioneringsprobleem dat van invloed is op de codering / classificatie van de beschikbare of benodigde informatie.
  10. Pas dezelfde procedure toe op de omgevingsfactoren om te bepalen of ze facilitators of barrières zijn en zo ja, in welke mate.

 

Bronnenlijst

  1. Cdc.gov. 2020. [online] Available at: <https://www.cdc.gov/nchs/data/icd/icfoverview_finalforwho10sept.pdf> [Accessed 17 December 2020].