Burn-out

Een burn-out is een ernstige vorm van overspanning waarbij de klachten al meer dan 6 maanden geleden begonnen zijn. Beperkingen in het dagelijkse functioneren kunnen korter aanwezig zijn. Verder spelen gevoelens van moeheid en uitputting een belangrijke rol.

Epidemiologie
In de eerste lijn zijn er geen betrouwbare cijfers over het voorkomen van een burn-out te verkrijgen. Volgens NIVEL Zorgregistraties was de prevalentie en incidentie van een verwant klachtenbeeld ongeveer 8,1 en 9,1 per 1000 patiënten. De man-vrouwenverhouding zal 1:2 zijn. 

Etiologie
Bij een burn-out kunnen verschillende risicofactoren een rol spelen bij het ontstaan. Denk hierbij aan een voorgeschiedenis met een reeks van stressoren, kwetsbaarheid met overspanning of hoge medische consumptie, moeilijkheden omtrent een complexe en veeleisende maatschappij, veel ziekteverzuim in de afgelopen jaren en een passieve of vermijdende copingstijl. 
Risicogroepen zijn mensen met een chronische of levensbedreigende somatische aandoening, mensen ouder dan 50 jaar, mensen met een lage sociaal-economische status, migranten, thuiswerkers en alleenstaanden.

Stressoren
Wanneer iemand een burn-out heeft zijn klachten meestal niet duidelijk aanwijsbaar. Vaak gebeurt ook dat de patiënt de klachten niet als zodanig erkend. Meestal is er ook sprake van een combinatie van factoren. 
De stessoren voor een patiënt kunnen bestaan uit omstandigheden of gebeurtenissen die de patiënt als bedreigend kan ervaren. Voorbeelden zijn: scheiden, chronische ziekte, rouw of problemen met werk of problemen met financiën.

 

Anamnese en lichamelijk onderzoek
De diagnosen zijn vaak in het eerste contact al vrij duidelijk. Vaak komt de patiënt zelf al met de diagnose. Maar een deel van de patiënten presenteren zich alleen met somatische klachten. Het is aan de arts om alert te blijven op de aanwezigheid van psychische (co)morbiditeit. Denk hierbij aan depressie, angststoornis of problematiek qua alcohol- en drugsgebruik.De volgende signalen kunnen wijzen op overspanning die kan leiden tot een burn-out: aanhoudende moeheid of wisselende lichamelijke klachten zonder voldoende verklaring. Ook gespannenheid, piekeren, prikkelbaarheid, slaapproblemen, en concentratieproblemen.
Naast dat er een algemene exploratie kan er gebruik worden gemaakt van het zogenoemde SCEGS. Dit staat voor somatische, gedragsmatige, sociale, cognitieve en emotionele dimensies. Het is gebruikelijk om eerst bij de minst bedreigende vragen te beginnen. Dit zijn de somatische dimensies. Als laatste komen de gevoelens en meningen ter sprake. 
Daarnaast let je bij de anamnese vooral op oorzaak/aanleiding en duur van de klacht, beperking in het sociaal leven, onderhoudende factoren, coping en eerdere vergelijkbare klachten en behandelingen.
Lichamelijk onderzoek wordt verricht op indicatie. Hierbij kan je somatische oorzaken mogelijk uitsluiten.

 

Behandeling 
De behandeling is gericht op een balans te vinden tussen draaglast en draagkracht. Het stimuleren van de patiënt om een probleemoplossende houding aan te nemen is noodzakelijk. Verder is voorlichting over de dagstructuur ook een belangrijk onderdeel van de behandeling. Hierbij kunnen motiverende gesprekken helpen. 
Het herstel kan in 3 fasen worden opgedeeld (figuur 1): crisis, probleem en oplossing en toepassing.

 

Figuur 1: overzicht van behandeling.

Bron: NHG-richtlijnen. Overspanning en burn-out. 2018. [internet] Geraadpleegd via https://richtlijnen.nhg.org/standaarden/overspanning-en-burn-out#volledige-tekst..

 

Medicamenteuze behandeling
Medicatie is niet gebruikelijk, aangezien het juist belangrijk is om de patiënt te laten vertrouwen in zijn eigen kunnen en doen. Wel kan ervoor gekozen worden om tijdens de crisisfase voor maximaal 2 weken symptomatische middelen voor te schrijven. Zo kunnen ernstige slaapproblemen of functionele lichamelijke klachten bestreden worden. 

 

Prognose 
De prognose van een burn-out is zeer goed. Met een adequate begeleiding en rust zullen de klachten na een paar maanden verdwijnen. De meeste mensen kunnen na een maand of drie hun dagelijkse werkzaamheden en taken weer oppakken en zijn na een half jaar weer volledig aan de slag. Het verschilt per persoon hoe snel het herstel gaat. 



Bronnenlijst

  1. NHG-richtlijnen. Overspanning en burn-out. 2018. [internet] Geraadpleegd via https://richtlijnen.nhg.org/standaarden/overspanning-en-burn-out#volledige-tekst[Benaderd op 10 april 2021]

  2. Gezondheidsnet. Stress-en-burn-out. 2018. [internet] Geraadpleegd via https://www.gezondheidsnet.nl/stress-en-burn-out/burn-out-als-je-al-een-halfjaar-overspannen-bent. [Benaderd op 11 april 2021]