Voor 23:59 besteld = binnen 24 uur verzonden*!

Home » Coschappen » Orthopedie » Ziekte van Osgood-Schlatter

Ziekte van Osgood-Schlatter

De ziekte van Osgood-Schlatter (osteochondrosis of tractie apofysitis) is een aandoening die pijn en zwelling onder het kniegewricht ter hoogte van de tuberositas tibiae veroorzaakt. De aandoening komt het vaakst voor in jonge, sportieve kinderen die veel moeten springen of rennen (volleybal, basketbal, voetbal etc.).

Epidemiologie
Gemiddeld krijgen jaarlijks 11 per 1000 patiënten de diagnose. Hiervan zijn ongeveer 6 jongens en 5 meisjes.

Pathofysiologie
De patellapees hecht aan op het tuberositas tibiae. Door herhaaldelijke tractie en microtraumata ontstaan er scheurtjes en inflammatie. De ziekte van Osgood-Schlatter is een overbelasting van dit deel van de pees, waardoor de groeiplaat naar buiten wordt getrokken en er excessieve groei van bot en ossificatie optreedt ter hoogte van de tuberositas. Door deze groei is de m. quadriceps niet goed meer in staat om te rekken en flexibel te blijven.

 

Figuur 1: rontgenfoto met loskoming van tuberositas tibiae.

Bron: Carius, B. and Long, B., 2021. Osgood-Schlatter Disease as a Possible Cause of Tibial Tuberosity Avulsion. Cureus,.

Anamnese en lichamelijk onderzoek
De ziekte van Osgood-Schlatter komt het meeste voor in jongens tussen de 10 en 15 jaar. Omdat de patellapees continu aan de groeiplaat trekt onder de tuberositas tibiae ontstaat zwelling en pijn (apofysitis). Met name bij bewegingen waarbij de m. quadriceps zich aanspant (hurken, knielen, trap omhoog lopen) raakt de pees extra geprikkeld. Met name tijdens beweging treedt pijn op, maar deze gaat doorgaans wel over tijdens rust. De pijn komt meestal voor in één knie, maar kan in beide voorkomen. Meestal als de groei is gestopt, dan stopt ook de pijn.

 

Aanvullend onderzoek
Meestal is beeldvorming niet nodig en is anamnese in combinatie met lichamelijk onderzoek voldoende. Wanneer een avulsiefractuur wordt vermoed, wordt wel een röntgenfoto van beide knieën gemaakt. 

 

Behandeling
Meestal gaat de aandoening vanzelf over, als de groei is gestopt. Conservatieve behandeling is in de vorm van RICE en soms NSAIDs tegen de pijn. In bijna geen enkel geval is chirurgie van toepassing. Alleen wanneer de pijn blijft aanhouden na de groei kan geopereerd worden om botfragmenten die niet goed genezen zijn te verwijderen, anders niet.

 

Bronnenlijst

  1. Verhaar, J. and van Mourik, J., n.d. Leerboek orthopedie. Bohn Stafleu van Loghum.

  2. Nelson, W., Behrman, R., Kliegman, R. and St. Geme, J., 2020. Nelson Textbook Of Pediatrics. Philadelphia: Elsevier.