Multipel orgaan falen (MOF)

In het geval van Multipel orgaanfalen (MOF) of multipel orgaan dysfunctie syndroom (MODS) zit de essentie van het probleem al in de naam. Meerdere organen falen en doen dus niet meer wat ze moeten doen. In concrete termen wordt daarmee bedoeld dat er na 24 uur twee of meer organen falen.
Over het algemeen treedt dit niet acuut op, maar vallen de verschillende organen geleidelijk, na elkaar uit, nadat een primair probleem (3 I’s: illness, injury or infection) de patiënt al in de problemen heeft gebracht. Er kan onderscheid gemaakt worden van een milde dysfunctie tot irreversibel orgaanfalen. Ongeveer 15% van de IC patiënten heeft MOF en in ongeveer 50% van de overlijdens op de IC was er ook sprake van MOF.  Ook is het het meestvoorkomende ziektebeeld dat ervoor zorgt dat chirurgische ingrepen langere opnametijd kennen.  

Pathofysiologie
MOF wordt veroorzaakt door een ‘illness, injury or infection’ die een ongecontroleerde systemische inflammatoire respons opwekt, met als resultaat weefselbeschadiging. Verminderde weefselperfusie en de toxinen (zoals tumor necrosis factor (TNF) en interleukine-1, adrenaline en histamine) die daardoor vrijkomen zijn een belangrijk onderdeel in het ontstaan hiervan. Een sepsis is de meest voorkomende trigger van MOF. Andere belangrijke oorzaken of triggers kunnen zijn: 

  • Majeur trauma
  • Majeure chirurgie
  • Brandwonden
  • Pancreatitis
  • Shock 
  • Aspiratie
  • Bloedtransfusie
  • Autoimmuun ziekte
  • Acuut hartfalen en 
  • Toxines/ vergiftiging. 

 

Anamnese
Het falen van de organen kent in het algemeen het volgende beloop:

  1. Pulmonaal falen
  2. Hepatisch falen
  3. Intestinaal falen
  4. Renaal falen
  5. Cardiaal falen

Pulmonaal
Alle organen kunnen falen, maar over het algemeen zijn de longen het vaakst aangedaan. Een verhoogde membraan permeabiliteit zorgt voor vocht in de alveoli met meer infectie/ontstekingsreactie tot gevolg. Een ARDS ontstaat. 

Renaal
Sterke vermindering van de nierperfusie, als gevolg van bijv. een hypotensie, leidt tot een nierfalen, meestal via een acute tubulus necrose. (zie elders op deze site)

Cardiaal
Verminderde coronairperfusie en verhoogde infectieparameters kunnen de contractiliteit en compliantie van het hart verminderen. Cardiac output daalt hierdoor, met als gevolg een verslechtering van zowel de cardiale als de systemische perfusie: er ontstaat een vicieuze cirkel van verslechtering (de aftakeling is begonnen). Arritmieen komen regelmatig voor. 

Gastrointestinaal
Een ileus en submucosale bloedingen kunnen ontstaan als gevolg van de systemische immuunrespons. Ook kan hypoperfusie van de lever leiden tot necrose in de lever met als gevolg een stijging van transaminase en bilirubine niveaus. Een belangrijk gevolg van leverfalen is een verstoring in de productie van stollingsfactoren. Stollingsstoornissen, zoals een DIS (diffuse intravasale stolling) kunnen (en zullen in ernstige gevallen) dus ook ontstaan. 

 

Lichamelijk onderzoek
Een ABCDE-benadering van een MOF patiënt is op zijn plaats. Klinisch beeld:

  • Bleek
  • Klam
  • Koude acra
  • Zwakke perifere pulsaties
  • Verhoogde temperatuur
  • Verhoogd hartfrequentie
  • Verhoogd ademhalingsfrequentie

Vitale parameters (bloeddruk, polsfrequentie, ademhaling en saturatie) zijn je belangrijkste waardes hier. Verslechtering van deze parameters is een teken dat je patiënt verder achteruitgaat en dat je behandeling (als je die al gestart bent) nog niet effectief is. Een QSOFA score kan je helpen om de ernst van de ziekte in te schatten. Verder is het belangrijk dat je systematisch alle verschillende orgaansystemen (alle tracti) naloopt op tekenen van dysfunctie. Denk aan: 

  • Veranderde mentale status
  • Verminderde nierfunctie (lab)
  • Respiratoire verslechtering (hogere zuurstofbehoefte)
  • Verminderde cardiale functie/ verlaagde cardiac output
  • Verminderde metabole functie
  • Een beeld van over of juist ondervulling. 

 

Behandeling
Vroegtijdige herkenning en behandeling is essentieel om de kans op een goede uitkomst te verhogen. Een multiple organ dysfunctie is over het algemeen nog te behandelen en je wilt dan ook voorkomen dat de dysfunctie verergert naar een (irreversibel) falen.
Aangezien het per patiënt en per veroorzakend probleem verschilt wat de beste behandelstrategie is, is er niet 1 vast behandelplan. Symptoombehandeling en orgaan-ondersteuning waar nodig zijn belangrijke onderdelen van je behandelstrategie. Probeer in iedergeval de volgende behandelingsstrategie toe te passen: 

  • Source control! Identificeer je onderliggende probleem en/of oorzaak, comorbiditeiten en/of complicaties en behandel deze! (bijv. dmv antibiotica)
  • Zorg voor adequate weefselperfusie > vulling!
  • Ondersteuning waar nodig in de vorm van o.a. 
    • Multi organ support
    • Mechanische of non-invasieve ventilatie
    • Vochtbalans 
    • Niervervangende therapie

 

Prognose
Dit is gebaseerd op basis van de hoeveelheid organen die falen. Voor 1 orgaan is dit 40%, voor 2 organen is dit 60% en voor 3 of meer is dit 90%.

 

Bronnenlijst

  1. L.D. Procter, Shock,  oct.2020, merckmanuals.com

  2. An overview of multiple organ dysfunction syndrome, mei 2020, ausmed.com  

  3. Marianne Binnenhei, Multi-orgaanfalen, icverpleegkundige.com